Sprookjes

Er zijn talloze verhalen, legendes, gedichten en sprookjes over Ded Moroz en Snegoerotsjka, van klassieke schrijvers tot hedendaagse. Een paar van de bekendste sprookjes hebben we voor de kinderen in het kort vertaald.

Sneeuwmeisje

Er waren eens een opa en oma.
Ze hadden alles wat ze wilden, alleen hadden ze geen kinderen. Daarover waren ze erg verdrietig.
Op een dag viel er heel veel sneeuw. De oude mensjes gingen naar de tuin en begonnen een sneeuwpop te maken.
Ze maakten een dochtertje voor zichzelf, met blauwe kraaltjes als oogjes, met mooie kuiltjes in haar wangen, en met een rood lint als mondje.
Ineens begon Sneeuwmeisje te bewegen en ging naar binnen. Opa en oma waren erg blij!

Sneeuwmeisje groeide en groeide en werd elke dag mooier. Opa en oma konden hun ogen niet van haar afhouden: ze was als een sneeuwvlokje zo wit, met een lange blonde vlecht. Alleen roze kleur op haar wangetjes had ze niet.

De langverwachte lente kwam, en daarna de zomer. Alleen werd Sneeuwmeisje verdrietig.

Op een dag gingen de andere meisjes naar het bos om bessen en paddestoelen te zoeken. Ze vroegen ook of Sneeuwmeisje mee wilde gaan. Ze wilde niet mee, naar de zon. Maar opa en oma zeiden: ga maar liefje, heb een leuke tijd met je vriendinnetjes.

Sneeuwmeisje pakte het mandje en ging met haar vriendinnen naar het bos. De vriendinnen wandelden, zongen liedjes, dansten in een kring. En Sneeuwmeisje vond een koud beekje en bleef daar zitten en naar het water kijken.

De avond viel. De meisjes begonnen te spelen, zetten bloemenkransen op hun hoofd, maakten een kampvuur en begonnen daaroverheen te springen. Sneeuwmeisje wilde niet springen maar haar vriendinnetjes praatten haar om.

Over het vuur sprong Sneeuwmeisje en smolt... Ze verdampte tot een licht wolkje, regende als een warme regen neer, en veranderde in een veldje vol margrieten, helemaal wit.
(Pdf-bestand uitprinten)

Vorstman

Op een dag werd een oude man weduwnaar en trouwde met een andere vrouw. Hij had een dochter en zijn nieuwe vrouw had ook een dochter.
Het was moeilijk met een stiefmoeder te leven: de stiefdochter gaf de dieren eten, bracht water en hout naar het huis, liet de kachel branden, maakte het huisje schoon. Maar niets was genoeg. De stiefmoeder bedacht dat ze haar stiefdochter weg moest werken. Ze beval haar man om zijn dochter naar het erg koude winterbos weg te brengen. De man werd erg verdrietig maar ging het toch doen.

Hij bracht zijn dochter naar het bos en liet haar achter onder een grote spar. En Vorstman kraakte tussen de bomen, sprong van de ene tak naar de andere. Toen hij op de boom was waaronder de meid zat, vroeg hij haar: "Heb je het warm, mooie meid?" Het meisje was al bijna bevroren en toch zei ze zachtjes: "Ik heb het warm, lieve Vorstman". Vorstman vond haar zielig en gaf haar mooie warme bontjassen.

Ondertussen begon de stiefmoeder al een begrafenismaal voor te bereiden en stuurde haar man om de dode dochter uit het bos terug te brengen. De oude man ging naar het bos en zag dat zijn dochter daar vrolijk zat, in een mooie bontjas. De oude man werd heel erg blij, zette zijn dochter in zijn slee en ging naar huis. Het meisje opende de deur en kwam het huis binnen, helemaal in goud en zilver, mooi en blij. De stiefmoeder zei meteen: "Breng nu mijn dochter naar het bos en laat haar op dezelfde plek zitten!"

De oude man bracht de dochter van zijn vrouw naar het bos en liet haar achter onder de spar. En Vorstman kraakte tussen de bomen, sprong van de ene tak naar de andere, keek naar de dochter van de oude boze vrouw: "Heb je het warm, mooie meid?" En zij antwoordde: "Oh, het is zo erg koud! Kraak niet, Vorstman! Je hebt mij helemaal bevroren! Ga weg!
Vorstman werd zo boos en vroor zo hard dat de dochter van de oude vrouw in ijs veranderde.
(Pdf-bestand uitprinten)